
De Unie van Waterschappen en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben op 2 oktober een convenant ondertekend om de samenwerking tussen gemeenten en waterschappen bij ruimtelijke ontwikkelingen verder te versterken. Het convenant geeft invulling aan afspraken die tijdens de Woontop van 2024 zijn gemaakt en moet bijdragen aan sneller, beter en toekomstbestendig samenwerken aan woningbouw en andere ruimtelijke opgaven.
Vroegtijdig wateropgaven bespreken
Water en bodem vormen steeds vaker een belangrijke basis voor keuzes in de ruimtelijke inrichting van Nederland. Door kennis over onderwerpen als droogte, wateroverlast, funderingsrisico’s en toekomstige wateropgaven vroegtijdig te betrekken, kunnen gemeenten en waterschappen samen betere afwegingen maken en maatschappelijke kosten beperken.
Jeroen Haan, voorzitter van de Unie van Waterschappen: “Dit convenant geeft extra houvast om aan de voorkant van plannen, maatregelen in te tekenen voor de water- en bodemopgaven. Het spreekt de waterschappen aan om informatie te delen met gemeenten, en de gemeenten om die informatie ook werkelijk een plek te geven in ontwikkelingen.”
Vertraging en afwenteling voorkomen
Aanleiding voor het convenant is de behoefte aan meer duidelijkheid en vroegtijdige afstemming. Ruimtelijke plannen van gemeenten kunnen vertraging oplopen wanneer benodigde informatie van waterschappen niet tijdig beschikbaar is. Of als samenwerking pas laat op gang komt. Tegelijkertijd willen waterschappen hun kennis eerder kunnen inbrengen, zodat risico’s op afwenteling van problemen en extra maatschappelijke kosten worden voorkomen.
Voorspelbaarheid
Met de nieuwe afspraken willen beide organisaties bijdragen aan eerder inzicht in randvoorwaarden, het sneller ontwikkelen van gezamenlijke oplossingen, minder vertraging en juridische escalatie en een betere voorspelbaarheid van kosten en planning. Ook moet het convenant ervoor zorgen dat water en bodem structureel worden meegenomen in ruimtelijke keuzes.
Stimulans voor regionale samenwerking
Het convenant en de bijbehorende handreiking zijn nadrukkelijk bedoeld als stimulans voor regionale samenwerkingsafspraken tussen waterschappen en gemeenten. VNG en Unie van Waterschappen hebben hiervoor bouwstenen en praktijkvoorbeelden verzameld die als hulpmiddel of checklist kunnen dienen. Waar al goede afspraken bestaan, zijn geen aanvullende maatregelen nodig.
Landelijke kaders
De afspraken sluiten aan bij andere gezamenlijke trajecten met medeoverheden. Waaronder de samenwerkingsagenda met het Rijk en de uitvoeringsagenda voor het landelijk gebied. Daarnaast wordt gewerkt aan landelijke uniforme kaders voor het meewegen van water en bodem bij gebiedsontwikkelingen. Hierbij is onder meer het voornemen om een uniforme rekenmethode te ontwikkelen voor het beperken van wateroverlast onder toekomstige klimaatomstandigheden.
Bron: Unie van Waterschappen